In de schijnwerpers gezet.

De grootlichtassistent.

Geen ongewenst verblinden meer – de grootlichtassistent herkent lichtbronnen in de omgeving en schakelt afhankelijk van de verkeerssituatie het grootlicht in of uit. Is het systeem actief, dan controleert een beeldsensor aan de voorzijde van de achteruitkijkspiegel het verkeer en het omgevingslicht. Aan de hand van deze sensorbeelden besluit de grootlichtassistent of het grootlicht kan worden ingeschakeld. Bij voorliggers of tegemoetkomend verkeer, alsmede bij voldoende omgevingslicht, wordt het grootlicht weer uitgeschakeld.